RAAD VAN EUROPA

Aanbeveling nr. R (89) 12 van de
Commissie van Ministers aan
Lidstaten ten behoeve van Educatie
binnen gevangenissen

  1. Alle gedetineerden komen in aanmerking voor educatie, bestaande uit klassikaal beroepsonderwijs, creatieve en culturele acitiviteiten, lichamelijke oefening en sport, sociale activiteiten en bibliotheek activiteiten.
     
  2. Educatie ten behoeve van gedetineerden dient gelijk te zijn aan de educatie beschikbaar voor dezelfde leeftijdsgroepen buiten de gevangenis, en het aantal leermogelijkheden voor gedetineerden dient zoveel mogelijk hieraan gelijk te zijn.
     
  3. Gevangenis educatie is erop gericht de gehele persoon te ontwikkelen, mede gelet op zijn/haar sociaal/economische en culturele achtergrond.
     
  4. Degenen die betrokken zijn bij het gevangeniswezen en bij de gevangenisdirecties zullen educatie zoveel mogelijk faciliteren.
     
  5. Gevangenis educatie zal geen lagere status hebben dan gevangeniswerk, en gedetineerden mogen er niet financieel op achteruitgaan indien zij deelnemen aan educatie in plaats van werk.
     
  6. De gedetineerden dienen gestimuleerd te worden om deel te nemen aan alle aspecten van educatie.
     
  7. De educatie staf dient regelmatig te worden bijgeschoold in de laatste educatieve methodieken.
     
  8. Speciale aandacht dient uit te gaan naar gedetineerden met leerproblemen, vooral degenen met leer- en schrijfproblemen.
     
  9. Beroepsgerichte educatie dient te zijn gericht op een brede ontwikkeling van het individu, alsmede op fluctuaties binnen de arbeidsmarkt.
     
  10. Gedetineerden dienen directe toegang te hebben tot een welvoorziene bibliotheek, tenminste eenmaal per week.
     
  11. Deelname aan lichamelijke oefeningen en sport door gedetineerden dient te worden gestimuleerd en aangemoedigd.
     
  12. Kreatieve en kulturele aktiviteiten dienen een belangrijke rol te hebben, want deze aktiviteiten dragen in grote mate bij tot de ontwikkeling van de gedetineerden, en scheppen de mogelijkheid zich voldoende uit te drukken.
     
  13. Sociale educatie dient erop gericht te zijn de terugkeer in de maatschappij goed te laten verlopen, en tot die tijd het leven in de gevangenis meer inhoud te geven.
     
  14. Waar mogelijk, dient het gedetineerden te worden toegestaan deel te nemen aan educatie buiten de gevangenis.
     
  15. Waar educatie dient plaats te hebben binnen de gevangenis, is de inbreng van mensen uit de vrije maatschappij onontbeerlijk, en hiervan dient zo veel mogelijk te worden gebruikgemaakt.
     
  16. Het dient de gedetineerde mogelijk te worden gemaakt de educatie na terugkeer in de maatschappij voort te zetten.
     
  17. Fondsen, materialen en educatie staf, nodig voor gevangeniseducatie, dienen beschikbaar te worden gesteld

Disclaimer:
The translated text is not official.
For an official, juridical reference use the English or French version.

Share